Restwaarde
Koop je een laptop, machine of bedrijfsauto voor je onderneming? Dan is restwaarde een belangrijke boekhoudterm om te kennen. De restwaarde bepaalt namelijk hoeveel je kan afschrijven op een bedrijfsmiddel. In dit artikel leggen we je uit wat restwaarde is, hoe je het berekent en waarom het relevant is voor je boekhouding.
Home > Boekhoudtermen > Restwaarde
Wat is restwaarde?
De restwaarde is de geschatte waarde van een bedrijfsmiddel op het moment dat je het niet meer gebruikt voor je onderneming. Denk aan een machine die na tien jaar versleten is, een auto die je na vijf jaar inruilt of een laptop die aan het einde van zijn levensduur is. Deze bedrijfsmiddelen vind je in de boekhouding terug aan de vaste activazijde van de balans.
Je bepaalt de restwaarde vooraf. Je gebruikt het als uitgangspunt bij het bepalen van je jaarlijkse afschrijvingen. Je schrijft een bedrijfsmiddel namelijk niet af tot nul, maar tot de geschatte restwaarde.
Hoe bepaal je de restwaarde?
Het bepalen van de restwaarde blijft altijd een schatting. Er is dus geen formule die de restwaarde uitrekent en er zijn ook geen harde regels. Toch zijn er handige manieren om tot een onderbouwde inschatting te komen:
- Kijk naar de marktwaarde: wat zijn vergelijkbare tweedehands bedrijfsmiddelen waard aan het einde van de gebruiksduur?
- Vraag de leverancier: die kan vaak goed inschatten wat een bedrijfsmiddel na verloop van tijd nog waard is.
- Gebruik branchecijfers: in sommige sectoren zijn er richtlijnen of ervaringscijfers beschikbaar.
- Houd rekening met sloopwaarde: als een middel aan het einde van zijn leven alleen nog als schroot verkocht kan worden, is dat de restwaarde.
Restwaarde en afschrijving
De restwaarde en afschrijvingen zijn sterk met elkaar verbonden. Als je je restwaarde en gebruikersduur bepaalt, kun je je jaarlijkse afschrijving uitrekenen. Dat doe je met de volgende formule:
(aanschafprijs - restwaarde) / geschatte gebruiksduur = jaarlijkse afschrijving
Voorbeeld: Je koopt een computer voor € 1000. Je verwacht dat je deze computer 5 jaar gebruikt en dat deze computer daarna door veroudering niets meer waard is. Je schat de restwaarde dus in op € 0. Je afschrijving wordt dan € 200 per jaar.
Je mag niet te veel afschrijven, want dan klopt je boekwaarde niet meer met de werkelijke waarde van het bedrijfsmiddel. Dat heeft gevolgen voor je balans en je belastingaangifte. Het is daarom belangrijk om de restwaarde realistisch in te schatten en consequent toe te passen in je boekhouding.
Voorbeelden van restwaarde
De restwaarde van bedrijfsmiddelen verschilt sterk per categorie. Hieronder een aantal voorbeelden:
- Bedrijfsauto: een auto heeft na vijf jaar vaak nog een grote restwaarde. De restwaarde kun je baseren op de verwachte verkoopprijs of inruilwaarde.
- Machine of apparatuur: afhankelijk van slijtage en technische veroudering kan de restwaarde laag of zelfs nul zijn.
- Laptop of telefoon: elektronica veroudert snel. De restwaarde is vaak nihil of symbolisch.
- Bedrijfsinventaris: denk aan tafels, stoelen of kasten. De restwaarde hangt af van kwaliteit en marktomstandigheden.
Restwaarde en de Belastingdienst
Fiscaal gezien is de restwaarde ook belangrijk. Je mag een bedrijfsmiddel niet verder afschrijven dan de restwaarde die je vooraf hebt vastgesteld. Daarnaast geldt er een maximumafschrijving: je mag per jaar nooit meer dan 20% van de aanschafwaarde afschrijven. Voor goodwill (de onzichtbare meerwaarde van een onderneming, zoals een goede reputatie of een klantenkring) geldt een maximum van 10%.
Verkoop je een bedrijfsmiddel voordat de gebruiksduur voorbij is? Dan kan het zijn dat de verkoopprijs afwijkt van de boekwaarde op dat moment. Is de verkoopprijs hoger dan de boekwaarde, dan geef je het verschil op als verkoopwinst. Is de verkoopprijs lager, dan mag je het verschil boeken als verlies.
Met e‑Boekhouden.nl blijft je boekhouding overzichtelijk
Met e‑Boekhouden.nl leg je de aanschafwaarde, gebruiksduur en restwaarde eenvoudig vast door het toevoegen van het bedrijfsmiddel als vast activum in je boekhouding. Zo verlies je nooit het overzicht over de actuele waarde van je bedrijfsbezittingen.
Probeer e‑Boekhouden.nl nu gratis en vrijblijvend uit. Ben je een startende ondernemer? Dan gebruik je e‑Boekhouden.nl de eerste 15 maanden na inschrijving bij de KVK zelfs helemaal gratis.
Gratis uitproberenZonder verplichtingen
Veelgestelde vragen
Hoe bereken je de restwaarde? |
|||
|
De restwaarde is meestal geen exacte berekening, maar een onderbouwde schatting die je vooraf maakt op
basis van marktwaarde, levensduur en verwachte verkoopwaarde. Je kunt hiervoor de leverancier
raadplegen, kijken naar vergelijkbare tweedehands prijzen of branchecijfers gebruiken.
|
|||
Wat is het verschil tussen restwaarde en boekwaarde? |
|||
|
De restwaarde is de geschatte waarde van een bedrijfsmiddel aan het einde van de gebruiksduur. De boekwaarde is de actuele waarde op de balans: de aanschafwaarde
min alle jaarlijkse afschrijvingen tot dat moment.
|
|||
Wat is het verschil tussen restwaarde en bodemwaarde? |
|||
|
De restwaarde is de geschatte verkoopwaarde van een bedrijfsmiddel aan het einde van de gebruiksduur. Dit geldt voor alle bedrijfsmiddelen en schat je zelf in. De bodemwaarde is een wettelijke fiscale grens die alleen geldt voor gebouwen en onroerend goed. Je mag een gebouw fiscaal niet verder afschrijven dan deze grens, die gelijk is aan de WOZ-waarde. Het is dus een harde fiscale stop, ongeacht de werkelijke restwaarde. |
|||
Wat als de restwaarde nul is? |
|||
|
Als de restwaarde nul is, schrijf je het bedrijfsmiddel volledig af over de gebruiksduur. De volledige
aanschafwaarde wordt dan als kosten verwerkt.
|
|||
Kun je de restwaarde tussentijds aanpassen? |
|||
|
Ja, als de omstandigheden veranderen. Bijvoorbeeld door een onverwachte waardedaling. Als de waarde
daalt, kun je de restwaarde herzien. Dit heeft wel gevolgen voor de resterende afschrijvingen.
|
|||
Wat gebeurt er als ik een bedrijfsmiddel verkoop voor meer dan de restwaarde? |
|||
|
Als je een bedrijfsmiddel verkoopt voor meer dan de boekwaarde op dat moment, moet je het verschil
opgeven als verkoopwinst bij je belastingaangifte. Levert het bedrijfsmiddel minder op dan de
boekwaarde, dan mag je het verschil boeken als verlies.
|
|||
Nog hulp nodig?
Stel je vraag aan Thom en zijn collega's. Ze staan je graag te woord.